Weerstandsvermogen is de relatie tussen de weerstandscapaciteit – dat zijn de middelen en mogelijkheden waarover we kunnen beschikken om kosten te dekken die niet zijn begroot – en alle risico’s waarvoor we geen maatregelen hebben getroffen en die van materiële betekenis kunnen zijn voor de financiële positie van de gemeente. Het weerstandsvermogen wordt uitgedrukt in een ratio en afgezet tegen de algemeen geldende weerstandsnorm. Die ratio geeft de verhouding weer tussen de financieel gekwantificeerde risico’s en de daarbij horende benodigde weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten kunnen we zo weergeven:
Ratio weerstandsvermogen = | Beschikbare weerstandscapaciteit | = | € 17.936.000 | = 3,7 |
|---|---|---|---|---|
Benodigde weerstandscapaciteit | € 4.893.000 |
De raad heeft besloten om minimaal een ratio van 1,0 te hanteren met een streefratio van 1,4, wat staat voor voldoende weerstandscapaciteit. Hierbij hanteren we de normeringssystematiek voor weerstandsvermogen, die ontwikkeld is door het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement in samenwerking met de Universiteit Twente. Zij hanteren deze waarderingstabel ratio weerstandsvermogen:
Waarderingscijfer | Ratio weerstandsvermogen | Betekenis |
|---|---|---|
A | 2,0 < x | Uitstekend |
B | 1,4 < x < 2,0 | Ruim voldoende |
C | 1,0 < x< 1,4 | Voldoende |
D | 0,8 < x < 1,0 | Matig |
E | 0,6 < x < 0,8 | Onvoldoende |
F | x < 0,6 | Ruim onvoldoende |
De ratio weerstandsvermogen van de gemeente Voorschoten is met 3,7 uitstekend.
